Anekdotes

Reep

Reeds in de beginjaren van de club werden de voetballers tot op het bot gemotiveerd door de leiders. Zo beloofde jeugdleider Joop van Galen zijn jongens voor de uitwedstrijd bij Westlandia een reep als ze zouden winnen. Voor het gemak kocht hij de twaalf repen alvast voor de wedstrijd. “Die hebben we makkelijk binnen”, dachten de voetballertjes.

Daarin vergisten ze zich echter lelijk, want de 12-1 nederlaag was voor coach Van Galen reden om de wedstrijdpremie in te trekken. Ton Keyzer en Cees de Kok, destijds jeugdvoetballers kunnen er nu wel, maar toen niet om lachen: “Hij vrat ze gewoon zelf alle twaalf op.”

Rome

De promotie van Den Hoorn 1 in 1970 was voorafgegaan door het besluit om R.K. uit de naam van de vereniging te schrappen. Voor pastoor S. Steur, ‘plaatselijk vertegenwoordiger van het Vaticaans elftal’, reden om de pen ter hand te nemen. “Het nieuws van uw promotie is zeer spoedig tot ons doorgedrongen, en wij verheugen ons met u. Bij ons in Rome moet je grijze haren hebben, wil je tot een hogere klasse doordringen. Wij nemen gaarne ons paarse petje voor u af. Wel moeten wij berichten, dat het nieuws bij sommige van onze zonen als een bom insloeg. Met name diegenen, die het zeer vermetele besluit om het “R.K.” te laten vallen voor de naam van de vereniging, zeer ernstig afgekeurd hadden als een moderne lichtzinnigheid van Nederlandse Katholieken. Zij hadden voorspeld, dat de hemel dit wel zou straffen met een reeks van nederlagen: zij weten nu met hun houding (en die van de hemel) geen raad meer.”

Oppasser

Pastoor Steur droeg de club altijd een warm hart toe. Aan het einde van de zondagmis kon hij het vaak niet nalaten om een grap over de aanstaande wedstrijd van het eerste elftal te maken. In de jubileumuitgave ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan keek hij met gemengde gevoelens terug op ‘het instituut Geestelijk Adviseur’. De Geestelijk Adviseur was een door de bisschop aangewezen priester, die werd toegevoegd aan het bestuur van de verenigingen die R.K. voor hun naam hadden staan.

“Ook R.K.S.V. Den Hoorn heeft zo’n door de Bisschop gestuurde Oppasser gehad. Hij had voorschriften van nog hogerhand over de ‘betamelijkheid van de sportkleding’. Zo heb ik een keer op mijn kop gehad van de Bisdommelijke Adviseur, omdat ik zomaar goedgekeurd had dat onze meisjes van de Gymclub trainden in een lange trainingsbroek.”

De Geestelijk Adviseur, meestal kapelaan, probeerde ook pastoors en kerkbesturen te overtuigen dat er een collecte voor de club gehouden moest worden. “Dat was niet eenvoudig, vooral als de beste voetballers tevens de minst practiserende parochianen waren!”

Stokken!

Door je ‘stokken’ gespeeld worden is nooit leuk. Sommige spelers komen de klap van een ‘bruggetje’ pas na de wedstrijd weer te boven. Voor Den Hoorn-aanvoerder Cock Kuipers geldt dit gelukkig niet, maar hij kreeg wel te maken met een bijzondere manier van ‘door de benen gespeeld worden’. Tijdens de wedstrijd Den Hoorn – BEC, in de nacompetitie van 1991, ging Cock verwoed op kippenjacht nadat het legioen de rood-wit geverfde beesten voor het duel op het veld had ‘gezet’.

De scheidsrechter weigerde te beginnen voor de kippen van het veld waren verwijderd. Cock gaf als aanvoerder het goede voorbeeld door op kippenjacht te gaan. Helaas glipte de eerste door Cock opgejaagde kip meteen door z’n benen. Cock kon alleen maar lachen als een kippenboer met een fikse kiespij, zeker toen het legioen uit volle borst zong: “En Cockie wordt gedold!”

Camera

Den Hoorn kon bij een gelijkspel tegen Scheveningen de titel in de derde klasse binnenhalen. Mike Belinfante maakte het sfeerverslag voor de Delftsche Courant. “De stemming zat er in ieder geval duidelijk in. Bij nadering van de badplaats stonden er reeds kilometers lang dranghekken aan weerkskanten van de weg opgesteld en sjouwde de N0S met een heuse cameraploeg rond Houtrust. Navraag maakte echter aan alle illusies een einde en leerde dat de tv-bonzen niet voor Den Hoorn waren gekomen, maar hun opwachting maakten voor de komst van de paus.

De teleurstelling ebde echter snel weer weg, toen men con­stateerde dat Wim Ammerlaan, de video-enthousiast bij uitstek, plaats had genomen aan de rand van het veld, om de wedstrijd te vereeuwigen. Een bijna-ramp geschiedde echter toen zijn kostbare apparatuur, kort voor het eerste fluitsignaal van scheidsrechter Den Toom, door een harde windvlaag van het dak van zijn auto werd geblazen, Ammerlaan zijn video-perikelen moest uitstelllen en bovendien het Hoornse doelpunt miste.”